Gedurfd fotograaf Erwin Olaf exposeert op de Nederlandse Fotoweek

Gedurfd fotograaf Erwin Olaf exposeert op de Nederlandse Fotoweek

19 tot 29 september was de Nederlandse Fotoweek. Hier exposeerde Erwin Olaf zijn nieuwe fotoserie, in het Stadsarchief van Amsterdam, gebaseerd op de opdracht ‘Studioportretten 2013’.

Erwin Olaf Springveld, geboren in Hilversum op 2 juli 1959, is Nederlands kunstfotograaf. Hij studeerde af als journalist aan de Hogeschool in Utrecht Hij begon als documentairefotograaf, maar al snel besefte hij dat kunstfotografie meer voor hem was. In het begin van zijn carrière choqueerde hij veel mensen met zijn foto’s.  Dit deed hij doelbewust. Zo fotografeerde hij onder andere naakte bejaarden, mannen met erecties, extreem dikke, naakte vrouwen. Deze foto’s zijn terug te zien in de series Squares en Chessmen.

In 1991 maakte hij samen met schilder Frans Franciscus de film Tadzio.

Vanaf zijn fotoserie Separation (2002/2003) werd Olaf genuanceerder met het kiezen van zijn thema’s. Kwetsbaarheid en eenzaamheid waren thema’s die veel terugkeerde in fotoseries van Olaf. Voorbeelden van fotoseries zijn Grief (2007), Dawn (2010) en hotel (2010).

In de Nederlandse Fotoweek 2013 kwam Olaf met zijn nieuwste serie. Deze serie is gebaseerd op Amsterdammers met een Joodse achtergrond. Zo fotografeerde hij een orthodox gezin, maar ook een man die joods bloed heeft maar verder niet veel doet met zijn Joodse achtergrond.

Hij heeft voor het afdrukken van deze serie een andere manier gekozen, namelijk kooldruk. Dit is een historische manier van afdrukken die tegenwoordig niet veel meer voorkomt. Maartje van den Heuvel, voorzitter van Scherptediepte én vriendin van Erwin Olaf, omschreef Erwin Olaf, tijdens het Symposium 2013 in Paradiso, als één van Nederlands beste fotografen. ‘Erwin is een ontzettend goede en gedurfde fotograaf. Ik heb gezien hoe hij de foto’s afdrukte en je moet super voorzichtig zijn, want als je maar één ding verkeerd doet, heb je drie dagen werk verpest. Ik heb ongelofelijk veel respect voor Erwin.’

Er zijn inmiddels dertien (foto)boeken uitgebracht over het werk van Olaf. Waar onder andere Theo van Gogh en Hans van Manen aan meegewerkt hebben. Theo van Gogh schreef het voorwoord voor, het in 1990 uitgegeven boek, Blacks: 17 royal portraits. Hans van Manen schreef de inleiding, voor het in 1985 uitgegeven boek, Stadsgezichten van Erwin Olaf, en Fragmenten uit: Het Amsterdamse dromenboek van Guus Luijters.

Naast kunstfotografie werkt hij ook in opdracht voor grote merken, zoals Heineken en het Nederlands elftal (new warriors 2008). Olaf is niet alles fotograaf hij redigeert ook films en videoclip, onder andere voor Volumia!, Karin Bloemen en Paul de Leeuw.

Erwin Olaf heeft verschillende prijzen gewonnen voor zijn werk. Zo heeft hij voor de fotoserie Chessmen de prijs voor jonge Europese fotografen gewonnen. En hij won in 2011 de Johannes Vermeer prijs. De Johannes Vermeer prijs is een staatsprijs voor de kunsten. De Jury, Victo Halberstadt, Judith Belifante, Janine van den Ende, Hans Goedkoop en Paul Schnabel, prijst Olaf voor zijn werk en zijn vermogen om telkens weer een nieuwe weg in te slaan. De jury omschreef Olaf als volgt: ‘Erwin Olaf is de auteur geworden van een oeuvre, dat passie voor het vak uitstraalt, uitzonderlijk rijk is in zijn beeldkwaliteit en beweeglijk blijft in zijn ontwikkeling.’

De nieuwste fotoserie; Studioportretten 2013 is nog tot vijf januari 2014 te bekijken in het Stadsarchief van Amsterdam.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *